Het gebruik van dierlijke, organische mest is eigen aan de groenteteelt. Het is voor een landbouwer
niet altijd evident om de optimale bemesting in te schatten. Vooral in de groenteteelt heerst de vraag hoe
men volledig organisch kan bemesten zonder in de problemen te komen met de nitraatresidu-normen.
Daarnaast leeft de vraag hoe de stikstofgift uit dierlijke mest kan beperkt worden zonder veel in te boeten
op productie of kwaliteit.
Enerzijds is door het gemengde karakter van veel bedrijven, meestal een hoog aanbod van dierlijke mest aanwezig.
Op dergelijke bedrijven werden de meeste percelen in het verleden, nog voor er van een mestactieplan sprake was,
veelvuldig rijkelijk organisch bemest. Bovendien blijven na de teelt van de meeste groenten zeer veel oogstresten
op het veld achter. Deze beide factoren zorgen ervoor dat zeer veel van deze velden momenteel een zeer grote
mineralisatie vertonen tijdens de zomer vanuit het onstabiel organische materiaal.
Stikstofvrijstelling in dergelijke bodems tijdens de zomer tot 2 kg/ha/dag zijn geen uitzonderingen.
De relatie van de stikstofvrijstelling met het koolstofgehalte in deze bodems is onvoorspelbaar en hangt
in sterke mate af van de bodemomstandigheden (vocht, temperatuur, structuur).
Als op deze velden nog steeds de norm voor organische bemesting wordt ingevuld, dan is het vrij logisch dat de
residunorm in het najaar moeilijk kan worden gehaald.
Anderzijds wordt vastgesteld dat op bedrijven zonder veeteelt, organische mest minder of helemaal niet meer
wordt aangewend, om gemakkelijker de residunorm in het najaar te kunnen halen.
Op uitdrukkelijk vraag van de sector werd dit trouwens mogelijk gemaakt door het laten vervallen van het
tussenschot in de bemestingsnormen voor groenten, waardoor het voor vollegrondsgroentetelers mogelijk werd
alle stikstof uit kunstmest toe te dienen. Hierdoor wordt bij de gemengde bedrijven de druk om op eigen
gronden organisch dierlijke mest af te zetten nog vergroot.
Dit project zal middels demoproeven op velden verspreid over Vlaanderen beide groepen van telers dichter bij
elkaar proberen te brengen, door op een demonstratieve wijze het optimale gebruik van dierlijke organische mest
toe te lichten.